Vaste motor en schroef

Werking van het roer

Het roer op een boot werkt anders dan het stuur van een auto. De werking lijkt er wel op, want als je het stuurwiel bijvoorbeeld naar links draait, gaat de boot (net als een auto) naar links. Het grote verschil met een auto is dat je met een auto ook bij lage snelheden (bijvoorbeeld bij inparkeren) zeer goed bestuurbaar blijft. Een roer werkt echter alleen als er water langs het roerblad stroomt; dat noemen we roerdruk. Er zijn twee verschillende factoren die zorgen voor roerdruk:

  • Het water dat langs de boot stroomt omdat de boot vooruit vaart
  • Het water dat de schroef naar achter duwt (schroefwater) Hoe sneller een boot door het water gaat, hoe meer roerdruk er is. Dit zorgt ervoor dat de boot beter bestuurbaar is. Als je met lage snelheid wil manoeuvreren, doet het roer dus heel weinig en moet je het hebben van het wieleffect (wordt verder op behandeld).

Goede richting

Wanneer je over schepen praat, wordt er niet gesproken over rechts en links, maar over stuurboord (rechts) en bakboord (links). Dit is omdat het concept van rechts en links op een boot anders is dan op een auto.

Ezelsbruggetje

In Rechts zit een R en in stuuR(boord) ook; in bak(boord) zit geen R, in links ook niet. Als je je roer naar stuurboordroer draait (met de klok mee), gaat het roerblad naar rechts. Vooruitvarend zal het water dat tegen het roerblad drukt het achterschip naar links duwen. Daardoor gaat het voorschip naar rechts en maak je een bocht naar rechts.

Soorten schroeven

Schroeven zijn er in alle soorten en maten, maar de werking is in principe altijd hetzelfde: door het ronddraaien van de schroef krijg je een voortstuwende werking. Op basis van dit principe zijn er twee types schroeven:

  • de rechtse schroef
  • de linkse schroef

Bij boten die zijn uitgerust met twee motoren, zit aan de ene kant een linkse en aan de andere kant een rechtse schroef. De meeste boten hebben maar één motor en maar één schroef en dat is een rechtse of een linkse schroef. In het kader van de al genoemde studietip behandelen we alleen de rechtse schroef. Als je de leerstof daarover kent, weet je impliciet ook hoe de linkse schroef werkt, namelijk tegengesteld aan de rechtse.

Het wieleffect

Tip

Het wieleffect heeft vooral betrekkingen op boten met een vaste schroef. Dat wil niet zeggen dat het niet voorkomt bij boten met een buitenboordmotor. Maar het effect is bij een vaste schroef veel groter.

Een schroef is gemaakt om stuwkracht te leveren in de voorwaartse richting. Naast een voorwaartse kracht levert elke schroef ook een zijwaarts gerichte kracht en die noemen we het wieleffect. Als we met schroefaandrijving vooruitvaren, gaan we niet alleen vooruit maar ook een beetje zijwaarts. Als de schroef rechtsom draait, gaat het achterschip naar rechts (stuurboord). Het voorschip gaat dan naar links (bakboord) en voor ons gevoel heeft het schip een afwijking naar links (bakboord). Achteruitvarend draait de rechtse schroef linksom en gaat het achterschip naar links (bakboord). De rechtse schroef is in eerste instantie gemaakt om vooruit te varen. Vooruitvarend is de zijwaartse afwijking (het wieleffect) relatief gering. Achteruitvarend is het wieleffect veel sterker.

Afmeren

Met een rechtse schroef meer je bij voorkeur aan bakboordwal (links) af. Bij het afmeren vaar je schuin naar de kant toe. Bij het naderen zet je de (rechtse) schroef in z’n achteruit om af te remmen en stil te gaan liggen. Daarbij draait de rechtse schroef linksom en trekt het achterschip naar bakboord, waardoor je keurig parallel aan de wal komt te liggen.

Keren

Bij een rechtse schroef trekt het achterschip bij het vooruitvaren naar rechts en gaat het voorschip naar links. De kleinste draaicirkel is dus over bakboord.

Nauw vaarwater

Bij ronddraaien in een nauw vaarwater waar je niet in één keer rond kunt, moet je al snel in z’n achteruit. Achteruitvarend is het wieleffect vele malen groter dan vooruitvarend. Bij deze manoeuvre moet je vooral rekening houden met het wieleffect tijdens het achteruitvaren. Met een rechtse schroef begin je de manoeuvre aan de bakboordzijde van het vaarwater en zet je de beweging in over rechts. Dat lijkt onlogisch omdat je over rechts de grootste draaicirkel hebt. Maar omdat je niet in één keer rond kunt, moet je al snel in z’n achteruit. Achteruitvarend is het wieleffect heel sterk en word je als het ware op het wieleffect rondgetrokken.

Tip

Als je een rechtse schroef hebt en je moet keren in nauw vaarwater, begin je de beweging aan de bakboordzijde van het vaarwater en zet je de beweging in over rechts (stuurboord).


9 maanden
8 maanden, 3 weken