Geleidelichten

Een geleidelicht is een licht bedoeld voor navigatie doeleinde. Deze geleidelichten komen in verschillende soorten, maar hebben bijna altijd als doen om het veilig varen naar een punt te helpen.

Lichtenlijn

Een lichtenlijn bestaat uit twee lichten die achter elkaar staan. Het achterste licht staat hoger dan het voorste. Zie je ze recht boven elkaar, dan bevind je je op de lijn die ze aangeven. Zo kan een lichtenlijn een aanloop naar een haven of een deel van een vaargeul aangeven. Controleer op de kaart voor welk traject de lijn bedoeld is.

Ezelsbruggetje

Om te weten welke kant je je koers moet bijstellen, moet je kijken naar het onderste licht. Als het onderste licht rechts van het bovenste licht staat, moet je naar rechts bijsturen.

Sectorlichten

Sectorlichten zijn specifieke geleidelichten die informatie geven over de richting waarin schepen moeten varen om veilig te passeren of obstakels te vermijden. Ze kunnen ook gebruikt worden om de positie van een schip te bepalen. Afhankelijk van de richting waarin het licht nadert, zie je een andere kleur van het licht.

Voorbeeld van verschillende sectoren rond één licht. De witte delen stellen witte lichtsectoren voor; raadpleeg de kaart voor de betekenis en het bruikbare traject.

Een sectorlicht kan wit, rood of groen lijken, afhankelijk van de richting van waaruit je het ziet. Een witte sector kan een vaargeul aangeven; aangrenzende rode of groene sectoren kunnen je waarschuwen dat je buiten die geul komt. Wit licht betekent niet dat het water over de hele afstand tot het licht veilig is.

Zoek daarom vóór gebruik het licht op de actuele kaart op. Controleer welke sector bij jouw route hoort, waar ondiepten liggen en tot waar de sector bruikbaar is. Bepaal een koerscorrectie vanuit die informatie. Pas geen vaste regel toe dat je bij rood altijd naar stuurboord of bij groen altijd naar bakboord moet sturen.


1 jaar, 2 maanden
1 week, 2 dagen